Zuilichem VOOROUDERS UIT HET LAND VAN MAAS EN WAAL

KWARTIERSTAAT van Jacoba van Hees
ged. Zuilichem 21-7-1733
dv. Aart van Hees en Heijlke Gijsbertse Vogelsank

BLAUW verwijzing naar ouders en naar het kwartier van het kind

Samenstelling: Vic. Poolen
Aanpassing 4-12-2012

www.vicpoolen.nl
Gameren

VOOROUDERS UIT HET LAND VAN MAAS EN WAAL
Deelkwartierstaat #41-Jacoba van Hees uit de kwartierstaat van Willem Hendricus Poolen.


In de kwartierstaat zijn de volgende verkortingen gebruikt:
geb.-geboren ged.-gedoopt zv.-zoon van ev.-echtgeno(o)t(e)van ^-wonende/verblijvende te
ovl.-overleden bgr.-begraven dv.-dochter van wed.-weduwe van
otr.-ondertrouw tr.-getrouwd kv.-kind van wedn.-weduwnaar van

    Generatie I
    INDEX van familienamen
  1. JACOBA VAN HEES, ged. Zuilichem 21-7-1733, begr. Rotterdam 13-6-1788 (ev. Gerrit Bastiaanse ^Vest bij Lommertsraat, meerdj.k: 5).
    Jacoba van Hees otr./tr. Rotterdam 24-4/8-5-1757 met Gerrit Bastiaanse, ged. Rotterdam 11-9-1734 (^Molenwerf, get.: Aeltie en Marija Hamel), lakenverwer, ovl./begr. Rotterdam 20/24-5-1797 (wedn. Jacoba van Hees, klasse 6 gld., meerj.k: 5), zv. Willem Bastiaanse en Maria Hamel
    • Gerrit Bastiaanse, jm. van Rotterdam ^Vest X Jacoba van Hees, jd. van Zuijlichem ^Lombartstraat.
    • Wegens ongesteldheid van zijn lichaam machtigde Gerrit Bastiaanse, stukverwer ^Stadsvest, bij not. Jacob Pieter Beijerman op 13-6-1789 zijn zoon Willem Bastiaanse om hem generalijk te vertegenwoordigen en zijn zaken en belangen te behartigen. Hij merkte de akte met een X, verklarende door beroerte aan zijn hand niet te kunnen schrijven. <1>
    • Op 6-8-1792 liet Gerrit Bartiaanse, stukverwer wedn. juffr. Jacoba van Hees, bij not. Jan Huibrecht Lentfrink zijn testament opmaken. Hij legateerde aan zijn dochters Heijltje en Maria diverse stukken uit zijn inboedel en aan elk van hen een van de beste japons en rokken zijns overleden huisvrouw. En aan zijn kleinkinderen ieder 100 gulden tot een gedachtenis.
    • Voorts benoemde hij tot algehele erfgenamen zijn 5 kinderen Willem, Heijltje, Gerrit, Aart en Maria Bastiaanse, uitgezonderd zijn dochter Heijltje Bastiaanse, "indien dezelve de cohabitatie of samenleving met Paulus van den Bergen op zijn overlijden mogten hebben hervat, doch anders niet".
    • Zijn zoon Willem, en indien overleden zijn zoon Aart, krijgen de voorkeur in keuze van het huis met ververij aan de Pompenburg, alsmede het pakhuis met erf en de ververij met het pakhuis aan de steeg, beiden naast het genoemde huis met ververij, mitsgaders het vlot en het huis waarin hijzelf woont, met alle vaste en losse gereedschappen, tesamen voor de somma van 15.000 gulden te verrekenen met de nalatenschap. Zijn zoon Gerrit krijgt de voorkeur van keuze van een huis met erf aan de westzijde van de Botersloot op de hoek van de Kalverstrat, zijnde de som van 3.500 gulden.
    • Verder verklaarde hij dat indien zijn dochter Heijlthe tegen zijn verwachting de cohabitatie of samenleving met Paulus van den Berge mocht hebben hervat, haar gerechte deel onder administratie wordt gesteld van nader te benoemen excecuteurs en voogden, en zij alleen hieruit de jaarlijkse vruchtgebruik en renten verkrijgt. Bij haar overlijden wordt expresselijk verboden dat zij op haar nalatende kinderen zal succederen en vererven.
    • Aansluitend in deze en in een volgende akte werden er nog uitgebreid allerlei aanvullende bepalingen vastgelegd en geregeld. <2>
    • Op 25-2-1799 vond voor genoemde notaris de onderlinge quitering plaats tussen de 5 erfgenamen van de op 20-5-1797 overleden Gerrir Bastiaanse. De nalatenschop bedroeg 23.975:15:6 gulden en elk ontving 4.795:3:1 1/5 gulden <3>
    Uit het huwelijk van Jacoba van Hees en Gerrit Bastiaanse:
    1. Willem Bastiaanse, ged. Rotterdam 31-1-1758 (^Vest bij de Lombertstaat, get.: Willem Bastiaanse en Maria Hamel), kousenverwer, ovl. Rotterdam 15-3-1815 (56j. wedn. Johanna Vissenburg ^stadsarmenhuis).
      Willem Bastiaanse otr./tr. Rotterdam 18-5/1-6-1783 met Johanna Vissenburg, ged. Rotterdam 15-9-1763 (get. Aplonia Schinkels), ovl. Rotterdam (verm.) tussen 1805 en 1815 (vermeld is de begraving op 28/31-?-1806 van ene Johanna Vissenburg, bjd. ^Hang over de Schrijnwerkerssteeg. NOOT: verder uitzoeken datum en ev. andere Johanna's), dv. Evert Vissenburg, ^Kaasmarkt, en Anna Elisabeth Nakkens, afkomstig van Dusseldorp.
      • Willem Bastiaanse, jm. van Rotterdam ^Vest X Johanna Vissenburg, jd. van Rotterdam ^Kaasmarkt. Uit dit huwelijk zijn geen kinderen bekend.
      • Op 12-9-1783 lieten sr. Willem Bastiaanse en zijn vrouw juffr. Johanna Vissenberg ^Kaasmarkt bij not. Petrus Constatinus van Rijp hun wederzijdse testament opstellen. <4>
      • Op verzoek van Christiaan Blomhart en zijn vrouw Anna Cornelia van de Heijde verklaarden Pieternelletje Lubbers, Jacob Velthuizen en Marie Willemse, jongedochter van competente ouderdom, allen ^Kaasmarkt, op 30-7-1789 bij not. Jan Hubrecht Lentfrinck voor waer te zijn "dat op vrijdag den 24e dezer des namiddag omtrent twee uren een zekere Antje Vissenburg, huisvrouw van Willem Bastiaanse woonende mede aldaar, met de Requirant (=de verzoeker Christiaan Blomhart) in woordentwist geraeke zijnde, onder andere door de voornoemde Antje Vissenburg tegens hem Requirant hebben hooren zeggen: je neukt mijn mans zuster en mijn man neukt je wijff". <5>
      • Op 20-10-1794 huurde Willem Bastiaanse van zijn vader Gerrit Bastiaanse het huis met verwerij en erf aan de Vest op Pompenburg, alsmede het pakhuis met erf gelegen aan de steeg naast het genoemde huis, mitsgaders de droogplatten en ramen op alle deszelve, alsmede het Vlot en Huisje met alle de vaste en losse gereedschappen, voor de tijd van 3 jaar tegen 800 gulden per jaar, ingaande 1 oktober van dat jaar. Als huurder moest hij ketels, kuipen en verder gereedschap onderhouden en in behoorlijke staat houden en na het einde van de huurperiode dienen op te leveren. De huur kon na 3 jaar op dezelfde condities worden voortgezet. <6>
      • Johanna Vissenburg, ev. Willem Bastiaanse, werd op 12-5-1795 voor notaris Lentfrinck, als erfgename van haar grootmoeder Apolonia Schinkel, 1032:14 gulden toebedeeld overeenkomstig haar testament van 12-10-1789. Na verekening van reeds in bezit zijnd zilverwerk en meubilair ad 530:3, ontving zij nog 502:11 gulden. <7>
      • Willem Bastiaanse verstrekte op 26-11-1798 Leonard Dooremans volmacht om namens hem te compareren voor de Burgers Schepen inzake de vereffening van schulden en schuldvorderingen. <8> Een overeenkomstige machtiging werd op 15-2-1799 verstrekt door Willem Bastiaanse en zijn vrouw Johanna Vissenburg, die gezamenlijk de schuldverrekening op zich nemen. <9> En nogmaals op 1-3-1799, met vermelding van schuldvorderingen van 1000 gulden en 20 stuivers van ieder van zijn 4 broers en zusters, voortvloeiende uit de erfdeling van hun vaders nalatenschap, overeenkomstig de akte van boedelscheiding dd. 25-2-1799. <10>
      • Op 1-8-1800 werd door Willem Bastiaanse voor not. Willem Johan van Rijp executeurs benoemd in zijn boedel, voogden over zijn na te laten minderjarige erfgenaam of erfgenamen en administareurs van derzelve goederen. <11>
      • Op 14-11-1805 werd -onder condities die door de wethouderschap dezer stad (Rotterdam) uit krachte van zeker provisioneel vonnis bij Heren Schepen gewezen- ten laste van de echtelieden Willem Bastiaanse en Johanna Vissenburg publiekelijk geveild:
      • -Een huis, kousenverwerij en erf, gelegen aan de Stadsveste, alsmede alle vaste en losse gereedschappen bij de genoemde kousenverwerij behorende, mitsgaders nog een huis met erf daarachter gelegen.
      • -Een kuiphuis met erf op Pompenburg aan het einde van de Lombartstraat.
      • -Twee huisjes met erven gelegen aan de noordzijde van het Molenwerf, aan het einde van de Lombartstraat.
      • De koopster machtigde haar vertegenwoordiger om de gezamelijke aankoop van deze panden onder de gestelde condities te accepteren voor een bedrag van 6500,-- gld. <12>
    2. Heijltje Bastiaanse, ged. Rotterdam 23-12-1759 (^Vest bij de 2e Lombertstraat, get.: Gijsbertus en Jannetje van Hees), ovl./begr. Rotterdam 3/7-7-1803 (vrouw van Poulus van den Berg ^Karnemelksteeg bij Weeshuijs).
      Heijltje Bastiaanse tr. ca. 1781 met Paulus van den Berg, ged. (rooms katholiek) Rotterdam 28-10-1747 (get. Petrus de Ruijter), ovl./begr. Cool/Hillegersberg 24/25-8-1808 (wedn. Ingenatia Cool, 62 j., bgr. in de kerk, ovl. op de Buiten-Rotte onder Blommersdijk, vervoerd naar Hillegondsberg, 1 meerderj.k. Gaarder Cool 6 stuivers, gaarder Hillegersberg 6:10:5 gld., kleed van 2 gld.), zv. Nicolaus van den Berg en Elisabet Cornelis Benthuijsen, eerder ev. Ignatia Kool, (begr. 28-11-1780).
      • Op 20-8-1781 compareerden Gerrit Bastiaanse en Jacoba Hees voor notaris Anthony Westerbaan te Rotterdan en verklaarden zij "te consenteren (=te bewilliggen) dat hun doghter Heiltje Bastiaanse, wonende alhier en alhier zich ten huwelijk begevende met Paulus van den Berg, weduwnaar van Ignatia Kool mede alhier woonachtig, en dat dezelve naar voorafgaande huwelijks proclamatien in de egten staat werden bevestigt, waartoe zij comparanten hun van herte Des Heeren Zegen toewenschende. En opdat hiervan blijken magt, versogten de comparanten Acte om te kunnen dienen naar het behoord." <13>
      • Op 27-11-1781 werd in de Grote kerk te Rotterdam gedoopt: Jacoba, onechte kind van Heijltie Bastiaanse ^Botersloot, get.: Gerrit Bastiaanse en Jacoba van Hees.
      • Op 13-8-1783 werd Rooms Katholiek gedoopt Nicolaus, zv. Paulus van den Bergh en Hijntje Bastiaanse (acath), evenals op 29-10-1784 hun zoon Paulus. Beide zoontjes overleden binnen een jaar na hun geboorte.
      • Op 11-5-1802 ontving Matthijs Rubbeling, ev. Jacoba van den Berg dv. Heijltje Bastiaanse aan haar verwekt door Paulus van den Berg, bij notaris Pieter Commys te Cool, namens haar 100 gulden, als legaat van haar op 20 mei 1797 overleden grootvader Gerrit Bastiaense, en 24 gulden, zijnde 4 procent interest vanaf genoemde datum. <14>
    3. Gerrit Bastiaanse, ged. Rotterdam 8-11-1761 (^Vest op Pompenburg, get. Aaltie Peper), ovl./begr. Rotterdam 20/23-8-1811 (man van Willemijntje de Haas, minderj.k: 2, meerderj.k: 1).
      Gerrit Bastiaanse otr./tr. Rotterdam 4/21-5-1783 met Hermina de Hes, ged. Harderwijk 13-6-1759, ovl. Rotterdam 27-2-1839 (als Wilhelmina de Hes, oud 83j. ^ten huize van haar schoonzoon Jan van Zetten Vest L513), dv. Cornelis de Hes en Hendrikje van Aarts/Aken.
      • Gerrit Bastiaanse, jm. van Rotterdam, ^Vest X Hermina de Hes, jd. van Harderwijk ^Botersloot.
      • Op 13-6-1759 werd te Harderwijk gedoopt Harmtje, dv. Cornelis de Hes en Hendrikje van Aken. Uit dit echtpaar zijn te Harderwijk tot 1765 nog 6 andere kinderen (maar geen Willemijntje, hoewel mogelijk in 1755) gedoopt, waarbij afwisselend de naam Aarts of van Aken werd genoemd. Dit ouderlijk echtpaar huwde te Harderwijk/Hierden 15/29-6-1749 als Cornelis de Hes en Hendrikje Aartsz, jm. en jd. van Harderwijk.
      • Een 2e huwelijk van Gerrit Bastiaanse met ene Willemina de Hes is niet uit te sluiten. Pas vanaf 1790 zijn er in Rotterdam drie dopelingen vermeld met Gerrit Bastiaanse als vader en daarbij Willemina de Hes als moeder. Op 25-9-1810 trad Willemijntje de Hes op als enige getuige bij de doop van Gerrit, zoon van Gerrit Bastiaanse, die in Rotterdam op 12/25-9-1810 in stadsondertrouw was gegaan als jm. van Harderwijk ^onbekend met Johanna Buiteweg, jd. van Rotterdam ^onbekend.(NOOT: kinderen geboren te Harderwijk nagaan)
      • Van Willemina de Hes is geen doopdatum, ook niet -volgens vermelding in de overlijdensakte GAR A148 dd. 28-2-1839- als zijnde geboren omstreeks 1756 te Doesburg, dv. wijlen Cornelis de Hes en ... (de hierna volgende zinsdelen zijn onleesbaar, behalve fragmentarisch: ... de moeder ... onbekend ... )
      • Op 4-3-1799 verklaarde Willemijntje de Hes, huisvrouw van Gerrit Bastiaanse, voor not. Jan Huibrecht Lentfrink dat zij, met uitsluiting van de weeskamer, tot directeur harer begravenis en tot redderaers van haren inboedel en nalatenschap, mitsgaders tot voogden over alle minderjarige, uitlandige kinderen en toezicht behoevende te benoemen haar zwagers Willem en Aart Bastiaanse. <15>
    4. Aart Bastiaanse, ged. Rotterdam 25-3-1764 (^Vest bij de Lombertstraat, get.: Willem Bastiaanse en Heijltie Vogelezang), ovl./begr. Rotterdam 7/10-3-1802 (man van Anna Reijnhart ^Molewerf aan de vest, 1 minderj.k.).
      Aart Bastiaanse otr./tr. 1x Rotterdam 29-6/13-7-1783 met Besselina van Gent, ged. Rotterdam 11-9-1763 (^op de Botersloot, get.: Nikolaaas Gabriël en Jannitie van der Plijn), ovl./begr. Rotterdam 23/26-1-1801 (overl. in het armhuis), dv. Pieter van Gent en Geertruij Relijk.
      • Bessalina van Gent ongehuwde dochter oud 19 jaar, haar moeder Geertruij Relijk ev. Pieter van Gent en nog 2 anderen verklaarden op 25-11-1782, op verzoek van Gerrit Bastiaanse [ <16>kwnr. 24 - Bessalina's toekomstige schoonvader], bij not. Woutherus de Prill voor waar te zijn dat diens dochter Maria Bastiaanse door Anna Woordhouder, ev. Wouter van Es, werd lastig gevallen en in woorden trachtte te geraken, waarop Maria antwoordde dat zij dat maar tegen haar vader moest zeggen. Haar vader kwam op dat moment langs en verzocht Anna Woordhouder zijn dochter met rust te laten. Hierop reageerde zij met "Ja, we weten wel wat gij zijt, je bent een schelm" en herhaalde dat meerdere malen, hoewel Gerrit Bastiaanse daarop niet antwoordde of terugschold. <16>].
      • Aart Bastiaanse, jm. van Rotterdam ^Vest X Beselina van Gent, jd. van Rotterdam ^Botersloot.
      • Op 3-10-1786 verstrekte Bessalina van Gent, gesepareerde huisvrouw van Aart Bastiaanse, bij not. Hermanus Adrianus Schadé te Rotterdam aan Jan Hubrecht Lentfrinck, procureur bij deze stad, machtiging om haar in alle rechtzaken te vertegenwoordigen. <18>
      Aart Bastiaanse otr./tr. 2x (schepentrouwboek) Rotterdam 12/27-9-1801 met Anna Reijnart, ged. Loosduinen 23-12-1770 (dv. Jan Ruinaard en Gerretie Smeent), ovl. Rotterdam 5-4-1845 (wed. Aart Bastiaanse, 70j 3m 18d ^Doelstraat 340, dv. Johannes Reijnard en Gerritje Smeets; de dagen en maanden komen overeen met de doopdata, alleen 70 jaar moet 74 jaar zijn), dv. Jan Reijnart, sjouwer, en Gerritje Smient.
      • Aart Bastiaanse, wedn. van Rotterdam, X (schepentrouw, pro deo) Anna Reijnart, jd. van Den Hage. Hun kind Willem Bastiaanse werd geëcht volgens Authorisatie van de Municipaliteit (van Rotterdam) in dato 15 oktober 1801.
      • Op 8-2-1802 laten Aart Bastiaanse en Anna Reijnard bij not. Willem Johan van Rijp hun testament opstellen en benoemen elkaar wederzijds als erfgenaam en voogd over hun kinderen, met uitsluiting van de Weeskamer. <19> Een maand later overleed Aart Bastiaanse.
    5. Maria Bastiaanse, ged. Rotterdam 12-4-1767 (^Vest bij de Lombertstraat, get. Maria Hamel), ovl. Rotterdam 18-3-1813 (45j. ongehuwd ^stadsarmenhuis).
    6. Sophia Barbara Bastiaanse, ged. Rotterdam 29-9-1771 (^Vest in de Lombertstraat, get.: Jacob Verzijde en Jenneke van Hees), begr. Rotterdam 10-6-1772 (overledene was 1/2 jaar, klasse 3 gld.).
    Generatie II
    INDEX van familienamen
  2. AART VAN HEES, ged. Gameren 13-11-1701, ovl. Zuilichem voor 11-1747
    Aart van Hees otr./tr. Zuilichem 13-4/13-5-1725 met
  3. HEIJLKE GIJSBERTSE VOGELSANK, geb. Zuilichem 2-10-1698, ovl. tussen 1772 en 1774 (in 1772 genoemd in het testament van haar broer Jacobus Vogelsanck, in 1774 bij de erfdeling van zijn nalatenschap als overleden)
    • Aert Dirckse van Hees jm. van Gameren X Heijltie Gijsbertse Vogelsanck jd. van Zuilichem, beide ^Zuilichem.
    Heijlke Gijsbertse Vogelsank tr. 2x met Nijsbert Slagmolen, ovl. voor 1774. Uit het huwelijk van Aart van Hees en Heijlke Gijsbertse Vogelsank:
    1. Jenneken van Hees, ged. Zuilichem 1-10-1726 (get. Jenneken van Hees), ovl. na 1790.
      Jenneken van Hees otr./tr. Rotterdam 4/20-6-1769 met Jacob Versijde/van der Sijde, ged. Rotterdam 21-11-1728 (^Lombartstraat, get.: Adam Rokkeveen, Maria Verseijde, Henderijk Verop en Anna de Haan), binnenschipper, ovl./begr. Rotterdam 14/18-11-1790 (mv. Jenneke van Hees ^Molewerff boven Savoije), zv. Teunis Jacobse Versijde en Maritje Leendert de Haen, eerder ev. Lena de Bot.
      • Jacob Verzijden weduwnaar van Rotterdam ^Galerij X Jenneke van Hees, jd.van Zuijlichem ^Molewerf. Uit dit huwelijk zijn geen kinderen bekend.
      • Op 7-9-1785 hernieuwen Jacob van der Zijde binnenschipper en zijn vrouw Jenneke van Hees ^Molenwerff bij notaris Petrus Canstatinus van Rijp hun testament en benoemen elkaar als enige en algehele erfgenaam. Bij hertrouw van de langstlevende zal deze een bedrag ad 400 carolus gulden uitkeren aan de familie van de ander, respectievelijk te weten:
      • - aan (de nabestaanden van) zijn zuster Cornelia van der Zijden, of bij gebreke van nakomelingen aan de (klein-)kinderen van wijlen Anna de Haen, in leven ev. Hendrik Farop en zuster van wijlen zijn moeder Maria de Haen.
      • - aan haar broers en zusters Gijsbert, Dirk, Jacoba ev. Gerrit Bastiaanse en Johannes van Hees of hun nakomelingen.
      • Indien er geen nakomelingen zijn uit het huwelijk van Jacob van der Zijde en Jenneke van Hees dan zullen bovengenoemden ieder voor de helft erfgenaam zijn.
      • Als executeurs en eventueel als voogden benoemen zij haar broer Johannes van Hees, schout te Zuilichem, en zijn neef Jacobus van Os, schrijnwerker ^Rotterdam. <20>
    2. Gijsbert van Hees, ged. Zuilichem 1-2-1728 (get. Erke Gijsberts Vogelensanck), ovl. Zuilichem (verm.) voor 2-1729.
    3. Gijsbert van Hees, ged. Zuilichem 13-2-1729 (get. Erke Gijsberts Vogelensanck), ovl. Nieuwaal (verm.) tussen 1791 en 1806.
      Gijsbert van Hees otr./tr. Zuilichem 10-2/4-3-1764 met Willemke Ruijmschoot, ged. Zuilichem 18-10-1739 (get. Gijsbertje Ruijmschoot), ovl. Nieuwaal (verm.) tussen 1779 en 1806, dv. Jan Ruijmschoot en Heeske Jans.
      • In "Het Geslacht van Hees te Gameren" wordt aangegeven dat Gijsbert van Hees en Willemke Ruymschoot beiden voor 11-4-1806 zijn overleden, overigens niet geargumenteerd.
      • Op 1 februari 1757 kocht Gijsbert van Hees voor 80 gulden 1 1/2 hond land in Gameren van Antonis Vervoom en Aartje Hedel, op 15 maart 1763 voor 88 gulden een morgen op de Rooijcampen van de erfgenamen van Dirk de Jager en op 6 mei 1763 kocht hij voor 250 gulden zeven hond weiland op de Hermiscampen van Hermina de Roover.
      • Op 16 november 1775 verkocht hij - mede namens Dirk, Johannes, Jenneke en Jacoba en hun echtgenoten en Johannes Biesheuvel, weduwnaar van Eerke -voor 180 gulden 1 1/2 hond teulland Willemshof in Gameren aan Aart Hedel, die eigenaar is van het huis op de Willemshof en op 22 april 1784 verkocht hij voor 800 gulden land te Nieuwaal aan Hendrik Timmer.
      • Op 18 mei van dat jaar verklaarde Gijsbert van Hees dat Dirk van Hees te Gameren hem 99 gulden schuldig was en op 11 augustus 1772 deed hij aanspraak op diens goederen. De daarmee verband houdende obligatie, met renten en aanspraak, droeg hij over aan Hendrik Timmer.
    4. Dirck van Hees, ged. Zuilichem 14-1-1731, ovl. na 1775.
      Dirck van Hees tr. met NN, ovl. na 1675.
    5. Bastiaan van Hees, ged. Zuilichem 26-3-1732 (get. Eerke, vrouw van Gijsbert Bastiaans Vogelsanck), ovl. Zuilichem (verm.) voor 1739.
    6. Jacoba van Hees, ged. Zuilichem 21-7-1733 [kwnr. 1].
    7. Erke van Hees, ged. Zuilichem 16-1-1735, ovl. voor 1775.
      Erke van Hees tr. Zuilichem (verm.) 31-8-1766 met Johannis Biesheuvel, geb. Emmikhoven ca. 1735, ovl. na 1775.
    8. Anneke van Hees, ged. Zuilichem 25-3-1736, ovl. voor 1775.
    9. Ariaantje van Hees, ged. Zuilichem 18-8-1737 (get. Jantje Vogelensank), ovl. voor 1775.
    10. Bastiaan van Hees, ged. Zuilichem 25-12-1739 (get. Erke Vogelesank), ovl. voor 1775.
    11. Johannes van Hees, ged. Zuilichem 11-12-1746 (get. Jenneken Sloggen), schout te Zuilichem, ovl. Zuilichem (verm.) ca. 1810.
      Johannes van Hees tr. met NN, ovl. na 1775.
    12. Aart van Hees, ged. Zuilichem 26-11-1747 (kv. wed. Aart van Hees, get. Inke van Hees), ovl. voor 1775.
    Generatie III
    INDEX van familienamen
  4. DIRK AARTSE VAN HEES, geb. Gameren (verm.)
    • Op 7-4-1719 stond Dirck Aartse van Hees ingeschreven als lidmaat van de gereformeerde kerk te Gameren.
    Dirk Aartse van Hees otr./tr. Gameren 27-3/11-4-1697 met
  5. JENNEKEN JACOBS BAIJENS, geb. Gameren (verm.)
    • Op 17-10-1718 stond Jenneke Jacobs Baijens ingeschreven als lidmaat te Gameren.
    • Op 28-4-1705 is Dirk Aartse van Hees voogd over de kinderen van zijn overleden zwager Jan Jacobsz Baijens en Jenneke Otten van Heuckelom.
    • In 1704 wordt hij voor de eerste maal vermeld in het verpondingskohier. Hij bezit dan: 11/2 hond in de Willemshof (afkomstig van zijn vader), 7 hond op de Lange Akker, 1 morgen in de Varkenskampen en 5 hond bos het Geerken (afkomstig van zijn zwager Jan Jacobsz Baijens). In 1709/'10 is hij buurmeester te Gameren.
    • Tussen 1701 en 1738 pachtte Dirk van Hees goederen van de kerk te Gameren en op 22-8-1734 is hij tevens pachter van zeven hond bouwland op de Tijningen van Jan Jacobsz Salomons.
    • Vanaf omstreeks 1716 woonde hij in een boerderij in het Molenblok, op de hoek van de Hendricksteeg, afkomstig van de weduwe van Roelof Aelbertsz Slegh. Het huis vererfde op zijn zoon Jacob.
    Uit het huwelijk van Dirk Aartse van Hees en Jenneken Jacobs Baijens:
    1. Aart van Hees, ged. Gameren 1-8-1697, ovl. Gameren (verm.) voor 1701.
    2. Jenneke van Hees, ged. Gameren 6-11-1698.
      Jenneke van Hees otr./tr. Gameren 9-11/1-12-1726 met Jacob Janse Baijense, ged. Gameren 17-7-1703, ovl. Gameren (verm.) ca. 1791, zv. Jan Jacob Baijens en Janneke Otten van Heukelom.
    3. Aart van Hees, ged. Gameren 13-11-1701 [kwnr. 2].
    4. Jacob van Hees, ged. Gameren 28-11-1706, herbergier (in 1752/'53), ovl. Gameren (verm.) na 1778.
      Jacob van Hees tr. 1x met NN.
      • Uit dit eerste huwelijk van Jacob Dircks van Hees werd omstreeks 1740 een zoon Dirck geboren, waarschijnlijk te Zaltbommel.
      Jacob van Hees tr. 2x met Elisabeth Vonk, ovl. Gameren (verm.) na 1778.
      • Op 6 September 1729 vermaakte Anneke Slegh, dochter van Dirck Jansz Slegh en Jenneke van Depen, 200 gulden aan Jacob van Hees en noemde hem haar neef (door het tweede huwelijk van Dirck Jansz Slegh).
      • Op 7-4-1730 werd Jacob Dircksz van Hees als lidmaat te Gameren ingeschreven, waarna hij kort daarna met attestatie naar Zaltbommel vertrok, waar hij op 8 mei 1732 als burger te Zaltbommel werd ingeschreven tegen betaling van 17-12-0 (borg is Willem van Mullickhuijsen). Op 25-10-1742 werd hij weer te Gameren ingeschreven en was hij in 1748/49, 1754 en 1758 aldaar kerkmeester.
      • In januari 1745 woonde hij in het huis van Hendrick de Geus aan de Ridderstraat in het Kwelblok (huurde of pachtte hij die?). Zijn vader en zijn zwager Geurt van den Oever woonde in 1747 bij hem in en op 2 april 1766 bewoonde hij dit huis nog steeds.
      • Hij erfde (omstreeks 1749?) de boerderij op de hoek van de Hendricksteeg van zijn vader. (NOOT: dit begrijp ik niet geheel: Zij woonden dus niet op deze boerderij, die dan waarschijnlijk wel verpacht werd?)
      • Op 17 december 1754 beëindigde Johannes Laurense de Noo ten huize van de landbode Dirck van Kerckwijck een vechtpartij tussen Jacob van Hees en Jacobus de Swart uit Zaltbommel. En in 1760 klaagt schout Dirk Walraven van Kerkwijk van Gameren Jacob van Hees aan wegens buitensporige beledigingen.
      • In de loop der jaren deed Jacob van Hees diverse grondaankopen:
      • 1-2-1757 voor 199 gulden 31/2 hond op de Langstukken van Geurt van Oever en Judith van Hees; 4-8-1772 samen met zijn zoon Dirk 5 3/4 hond op de Rooijcampen van de erfgenamen van Lambert de Jager; 1-4-1750 voor 200 gulden anderhalve morgen op de Rooijcampen van Barthold, Baron van Haeften, heer van Wadenoyen, Ophemert en Zennewijnen; 4-4-1752 voor 80 gulden zeven hond land in de Wellekenscampen van Dirck Otten van Heuckelom; 15-1-1753 voor 184 gulden drie hond hopland op de Scheylweg uit de boedel van de insolvente Oth van Heuckelom en op 20-4-1756 voor 83 gulden 21/2 morgen in de Elscamp van Jan Salomons.
      • Tussen 1727 en 1775 pachtte Jacob van Hees goederen van de kerk te Gameren.
      • Op 12-9-1778 maaakten hij en zijn tweede echtgenote Elisabeth Vonk enerzijds en zijn voorzoon Dirk anderzijds een erfmagescheid waarbij het huis aan Dirck werd toebedeeld.
    5. Arien van Hees, ged. Gameren 26-5-1709.
    6. Jan van Hees, ged. Gameren 30-11-1710, ovl. Gameren (verm.) ca. 1778.
      Jan van Hees otr. Gameren 2-7-1741 met Maaike Hedel, ged. Gameren 27-6-1706, dv. Antonis Aertsz Hedel en Lijntje Gerritsdr, eerder ev. Matthijs Verheij.
      • Jan Dircksz van Hees was gerichtsnabuur in 1737 en kerkmeester van 1759 tot en mei 1761.
      • Uit het huwelijk van Jan van Hees en Maaike Hedel een dochter Jenneke (ged. 13-5-1742) die in 1762 huwde met Dirk van de Wal. Door zijn huwelijk kwam Jan van Hees in bezit van het huis van Arien Hedel in de Jan Coolenhof in de Heuven. Op 3 februari 1768 kocht hij samen met zijn schoonzoon Dirk van der Wal voor 150 gulden een huis in de Jan Coolenhof van Maria van den Oever, weduwe van Ruth Clop en haar kinderen, waarna het huis bewoond werd door Dirk van der Wal. Jan van Hees kocht tevens voor 110 gulden een half hond naast het huis van dezelfde verkopers.
      • Jan van Hees pachtte tussen 1732 en 1775 goederen van de kerk in Gameren.
      • Op 15 maart 1777 verkocht hij samen met zijn schoonzoon voor 200 gulden vijf hond bos het Geerke aan Albartus van Valkenburgh en zijn broers en zuster.
      • Na het overlijden omstreeks 1778 van Jan van Hees werd de aankoop uit 1768 samengevoegd met het huis dat hij door zijn huwelijk met Maaike Hedel had verworven en waarin vervolgens zijn schoonzoon ging wonen.
    7. Judith van Hees, geb. Gameren ca. 1712, ovl. voor 1777.
      Judith van Hees otr./tr. Gameren 2/18-11-1747 met Geurt van den Oever, <21> ged. Gameren 17-4-1712, kerkmeester 1756-1757, 1762 en gerichtnabuur 1758 te Gameren, ovl. voor 1777 (2e huwelijk van zijn 2e vrouw), zv. Willem van den Oever en Mericke Chilen (van der Schoot).
      • Op 12-1-1742 liet Judith van Hees haar testament opmaken en benoemde tot haar erfgenamen haar vader Dirck Aertsz van Hees en haar neef Dirck Jacobsz van Hees.
      • Geurt van den Oever kocht op 16-2-1752 voor 210 gldn. het huis "De Oude Leut" met hof op 8 hond, gelegen aam de Leutesteeg.
      • Hij werd 22 november 1756 eigenaar van de goederen van zijn ouders, welke waren besmet met schulden, te weten een huis met een halve morgen boomgaard en hopland, twee morgen in De Lieskamp bij de Gamerse watermolen en een morgen, genaamd Kuypers mergen, daar Geurt van den Oever zijn vader tot aan zijn dood had gealimenteerd en voorzien had van penningen, mits hij alle schulden en lasten van de boedel zou betalen.
      • Geurt van den Oever hertrouwde op 10-4/6-5-1773 te Zaltbommel met Anneken van der Plas.
  6. GIJSBERT BASTIAANSE VOGELSANK
    Gijsbert Bastiaanse Vogelsank tr. met
  7. EERKEN BASTIAANS.
    Uit het huwelijk van Gijsbert Bastiaanse Vogelsank en Eerken Bastiaans:
    1. Cunera Gijsberts Vogelsanck, geb. Zuilichem (verm.) ca. 1692, begr. Rotterdam (verm.) 30-8-1745 (vrouw van Gerrit van Driel ^'t ende Leuvelaan op de mole. 1 meerderj.k; NK. 15 gld).
      Cunera Gijsberts Vogelsanck tr. 1x met Johannes Fabre(?).
      Cunera Gijsberts Vogelsanck tr. 2x met Gerrit van Driel, geb. Zuilichem (verm.), korenmolenaar, ovl./begr. Rotterdam 23/28-10-1790 (wedn. Neeltie Schaap ^Leeuwelaan op de mole van de Hoop; GK. 30 gld).
      • Op 31-7-1712 werd te Zuilichem gedoopt Hester, dv. Cunera Gijsbert Vogelsanck. Als getuigen traden op haar (niet met name genoemde) vader en moeder. Het kind was in onegt geprocreerd. Op grond van naamgeving is aangenomen dat Cunera een dochter was van Gijsbert Bastiaanse Vogelsanck en Eerke Bastiaans.
      • Cunera Vogelensanck en Gerrit van Driel waren op 25-5-1738 getuige bij de doop te Rotterdam van Gijsbert zv. Jacobus Vogelesanck en Yda Tol.
      • Naar aanleiding van het overlijden van Kuniera Vogelensank op 25-8-1745 werd op 27-9-1745 door notaris Boon een inventaris opgesteld van de gezamenlijke bezittingen van haar en haar man Gerrit van Driel, waaronder de koornwindmolen genaamd de Hoop staande op de werf over de Leeuwelaan, die aan zijn zoon Jacobus van Driel verhuurd is. <22>
      • Gerrit van Driel, weduwnaar van Zuilekom ^Leeuwelaan op de Vest ten eijnde, X 28-5/11-6-1747 te Rotterdam met Neeltje Scaap, jd. van Rotterdam ^Leewelaan. Op 15-5-1747 hadden Gerrit van Driel, koornmolenaar wedn. Quiniera Vogelesang, en Neeltge Schaap bij not. Gerardus van Leeuwen huwelijkse voorwaarden laten opstellen. <23>
      • De eerder genoemde inventaris werd op 12-8-1747 aangevuld met aanzienlijke geldbedragen en verplichtingen die er op de molen rusten. <24> Op 31-8-1747 vond de definitieve boedelscheiding plaats. Ter ene zijde was daarbij aanwezig Gerrit van Driel, voormaals wedn. Quirina Vogelesang en ter andere zijde Jacob Vogelesang en Willem Rijp, tesamen procuratie hebbende van Gompert Blomhart, in huwelijk hebbende Hester Fabre, enig dochter van Quirina Vogelzang, ^Zuilichem. Gerrit van Driel verklaarde dat zij waren getrouwd zonder huwelijkse voorwaarden en zonder dat er een acte van uiterste wille was gemaakt. Derhalve was Hester Fabre ab intestato haar enige ergenaam. De inventarisaties werden geakkordeerd en keerde gerrit van Driel een somma van 9900 gld. uit aan Hester Fabre, boven en behalve alle kleren van linnen, wol en zijde, mitsgaders goud- en zilverwerken ten lijve en versieringen. Gerrit van Driel zal in eigendom behouden de koornwindmolen genaamd de Hoop.
    2. Bastiaan Vogelsank, geb. Zuilichem (verm.) ca. 1694, ovl. Hurwenen (verm.) voor 1770.
      Bastiaan Vogelsank tr. Hurwenen (verm.) met NN, geb. Hurwenen (verm.).
      • Op 9/23-6-1748 huwde te Rotterdam Roelof Vogelensank, jm. van Hurmen in de Bommelwaard ^'t Hang, met Maria Gerarda van Dijk, jd. van Rotterdam ^Delfsevaart.
      • Aannemelijk is dat deze Roelof Vogelensanck dezelfde is als de door Jacobus Vogelsanck genoemde Roelof, zijnde de zoon van zijn broer Bastiaan. Jacobus Vogelsank en zijn vrouw Ida Tol traden ook regelmatig op als getuigen bij de doop van de kinderen uit dit genoemde huwelijk.
      • Met de plaats Hurmen is zeer waarschijnlijk het dorp Hurwenen in de Bommelerwaard bedoeld. Bastiaan Vogelsank zou mogelijk aldaar kunnen zijn getrouwd en/of overleden.
    3. Jacobus Vogelsank, ged. Zuilichem 26-1-1696, rafactiemeester (=schadedeskundige) van den tabak, ovl./begr. Rotterdam 6/11-7-1772 (wedn. Ida Tol ^Hang bij Keijserstraat, 1 meerderj.k. 6 gld).
      Jacobus Vogelsank otr./tr. Rotterdam 12/26-5-1737 met Ida Tol, geb. Wijk bij Duurstede (verm.), begr. Rotterdam 5-5-1770 (ev. Jacobus Vogelesang ^in 't Hang over Stinksloot, 1 meerderj.k, 6 gld)..
      • Jakobus Vogelensanck, jm. van Zuilichem ^Schiedamsedijk X Yda Tol, jd. van Wijk te Duurstede ^Leuvehaven.
      • Op 22-5-1738 benoemden Jacob Vogelensank en Ida Tol elkaar bij not. Willem Boon over en weer als ergenaam en voogd over hun eventuele kinderen. Als Jacob Vogelensank overlijdt zonder kinderen na te laten en ook indien zijn ouders zijn overleden, dan moeten er legaten worden uitgekeerd aan zijn broer Bastiaan Vogelensank en aan zijn zuster Heijltie, onder bijkomende bepalingen indien ook zij overleden zouden zijn. Voor Ida Tol werden soortgelijke bepalingen opgenomen.
      • Op 7-4-1774 vond voor not. Cornelis Jacobi de verrekening plaats van de boedel en goederen van de op 6-7-1772 overleden Jacobus Vogelensank, in leven rafactiemeester van de tabak binnen de stad Rotterdam, weduwnaar van Ida Tol en overeenkomstig hun testamenten dd. 29-3-1770, gepasseerd voor not. Justus van der Meij. Volgens deze testamenten werden eerst voor totaal 600 gulden aan legaten toegekend uit de door hen geërfde boedel van hun zoon Gijsbert Vogelsanck, op 28-5-1772 te Batavia overleden, te weten aan Roelof Vogelensank, zoon van de broer, en aan Gerrit Bastiaans gehuwd met Jacoba van Hees, dochter van de zuster van de overleden Jacobus Vogelensank. De resterende nalatenschap bedroeg 6982:5:8 gulden, waarvan de ene helft naar de erfgenamen van Jacobus Vogelensankck en de andere helft naar die van Ida Tol.
      • Het deel van Jacobus Vogelensanck werd in gelijke delen toegekend aan Heijltje Vogelensanck, bevroren weduwe van Aart van Hees en laatst van Nijsbert Slagmolen, of wel -nu zij overleden is- aan haar 5 nagelaten kinderen Jenneken ^Rotterdam, Gijsbert ^Nieuwaal, Jacoba ev. Gerrit Bastiaanse ^Rotterdam, Dirk - uitlandig en Johannes van Hees ^Zuilichem, en aan de 6 nagelaten kinderen van Bastiaan Vogelensanck, tw. Roelof, Jacobus, Erke gesepareerde huisvrouw van Willem Jongbloed ^Capelle, Kuniera ev. Andries van Wijk ^Aalwijk, Johanna ev. Cornelis de Waal en Dirkske ev. Hendrik van den Bie. <25>
    4. Heesken Vogelsanck, ged. Zuilichem 2-10-1698 (get.: Egbert Klop en Beatrix van Genderen), ovl. voor 1770.
    5. Heijlke Gijsbertse Vogelsank, geb. Zuilichem 2-10-1698 [kwnr. 3].
    Generatie IV
    INDEX van familienamen
  8. AART VAN HEES, geb. Gameren ca. 1645 (verm. gedoopt met Pinksteren 1645), ovl. Gameren (verm.) tussen 1672 en 1675
    Aart van Hees tr. met
  9. NN
    • In 1672 pachtte Aert Dicksz van Hees goederen van de kerk te Gameren.
    • In 1675 was zijn weduwe eigenaresse van 11/2 hond in de Willemshof, afkomstig van haar schoonvader. Het perceel ging in eigendom over naar Roelof Aelbertsz Slegh; er stond toen geen huis meer op. Zij was tevens eigenaresse van de drie hond op de Beemd die haar schoonvader in 1659 had gekocht.
    Uit het huwelijk van Aart van Hees en NN:
    1. Dirk Aartse van Hees, geb. Gameren (verm.) [kwnr. 4].
  10. JACOB BAIJENS
    Jacob Baijens tr. met
  11. NN.
    Uit het huwelijk van Jacob Baijens en NN:
    1. Jenneken Jacobs Baijens, geb. Gameren (verm.) [kwnr. 5].
    2. Jan Jacob Baijens, geb. Gameren.
      Jan Jacob Baijens otr. Gameren 30-10-1697 met Janneke Otten van Heukelom, geb. Gameren.
    Generatie V
    INDEX van familienamen
  12. DIRCK JANSZ VAN HEES, geb. Gameren (verm.) ca. 1610, ovl. voor 1668 (11-2-1668 wordt zijn vrouw Lijntje Hendricks als zijn weduwe vermeld).
    Dirck Jansz van Hees tr. 1x ca. 1644 met ... Aerts Schouten, geb. Hedel (verm.), oudste dv. Aert Ariensz Schouten (Hedel), ovl. Gameren (verm.) voor 1663 Dirck Jansz van Hees tr. 2x ca. 1663 met
  13. LIJNTJE HENDRICKSDR, geb. Delwijnen.
    Lijntje Hendricksdr tr. 1x met Gerit Roelofsz, ovl. voor 1663.
    Lijntje Hendricksdr tr. 3x ca. 1668 met Jasper Aelbersen Vereem, ovl. Gameren (verm.) voor 3-1669. Uit het 2e huwelijk van Dirck Jansz van Hees met Lijntje Hendricksdr:
    1. Aart van Hees, geb. Gameren ca. 1645 [kwnr. 8].
    2. Arien van Hees, ged. Gameren 4-12-1646 (de vader verexcuseerd zijnde; get. diens vader Jan Arissen van Hees).
    3. Aertje van Hees, geb. Gameren (verm.) tussen 1647 en 1652.
    4. Jan Dirksen van Hees, ged. Gameren 9-6-1650, ovl. ca. 1695.
      Jan Dirksen van Hees tr. Haaften 2-5-1686 met Neelken Gijsbertse van Buren, geb. Haaften (verm.), ovl. na 1699.
      • Jan Dircksz van Hees werd in december 1686 ingeschreven als lidmaat te Gameren en zijn vrouw Neelken Gijsberts pas op 23 december 1690 (komende van Haaften/Buren?)
      • Op 3 augustus 1680 kocht Jan van Hees voor 350 gulden het deel dat zijn broer Gerrit bezat in het huis in de Heuven van hun vader. Tussen 1699 en 1704 verkocht zijn weduwe het huis op twee hond aan Arien Baijense.
      • Mede namens zijn broer Gerrit, zijn tante Neelken wed. Arien Aertsz van de Wercken en Jenneken Ivits -allen erfgenamen van zijn grootmoeder Marie Aerts wed. Jan Ariensz van Hees- verkocht Jan Dircksen van Hees op 9 mei 1683 aan Comelis de Vries een schuldbrief dd. 29 mei 1650 van 475 gulden van Mathijs Aelbertsz toekomende aan Marie Aerts.
      • Op 16 maart 1686 kocht Jan van Hees voor 13 gulden 5 1/2 hond op de Oude Weyde, zeven hond in de Achterbroeken en 2 1/2 en zeven hond van Lijske van Oshof en van Gerrit Hendricksz Key te Meteren.
      • In 1682 en 1683 pachtte hij goederen van de kerk te Gameren.
      • In September 1681 heeft Jan van Hees straten en kaden in het dorp hersteld en in maart 1686 herstelde hij -samen met zijn broer Gerrit en Jan Slegh- de bruggen aan het eind van de Nieuwsteeg en bij de Knapendries aan de Achterdijk voor respectievelijk 5-17-8 en 4-17-8.
    5. Aertje van Hees, ged. Gameren (verm.) 8-2-1652.
    6. Gerrit Dirksen van Hees, geb. Gameren (verm.) ca. 1660.
      Gerrit Dirksen van Hees tr. met Roelofje Petersdr.
      • Gerrit Dircksz van Hees en Roelofje Petersdr werden op 4 juli 1684 als lidmaten te Gameren ingeschreven. Zij waren toen al gehuwd.
      • Gerrit van Hees is gerichtsnabuur in 1693, 1716, 1718/19, 1723/24 en in 1734; buurmeester in 1693,1703,1722 en in 1731; kerkmeester in 1687/88 en in 1705; diaken in 1694/95, 1700/01 en in 1708/09 en ouderling in 1710/11. In januari 1681 heeft hij meerdere nachten op de dijk bij de Cluijt gewaakt in verband met hoog water.
      • In de loop der jaren hield Gerrit Dircks van Hees zich bezig met divere koop- en aankoopacties, in tijdsvolgorde:
      • Op 3-8-1680 verkocht hij voor 350 gulden zijn gedeelte in het van zijn vader geërfde huis vader waarin hij woonde, aan zijn broer Jan Dircksz van Hees. Hij verkocht hem tevens gerede goederen zoals koeien en paarden. De koopsom zou in termijnen binnen twee jaar worden voldaan.
      • Op 16-12-1685 kocht hij in 2 1/2 hond bij Leendert Ariensz van de erven van Franck Geurtsz Bruchem en op 3-11-1687 kocht hij van Anthoni Spillenaer twee hond huis en hof Oost en West, afkomstig van Maarten Ingenhousz, die hij op 27-1-1707 weer verkocht voor 506 gulden aan Peter Otten van Heuckelom.
      • Op 7-2-1690 kocht hij 11/4 hond huis en hof aan de Delkant van Geurt Willemsz van Oever. Eerder, op 27-2-1689 had hij al 2 1/2 hond land zuidelijk van dit huis gekocht van Peter en Jenneken Roelofs Slegh. Vervolgens kocht hij op 15-1-1710 anderhalf hond hopland van Jan en Willem Rinck te Zaltbommel en op 27-2-1720 voor 250 gulden nog anderhalf hond boomgaard en hopland naast het huis van Hendrick Cool.
      • Op 6 januari 1691 leent hij 500 gulden van Digna Holtberkers, de weduwe van Sander van Sittert.
      • Gerrit van Hees ging door met kopen:
      • 4-8-1716 anderhalf hond op de Rooijcampen van Margareta Hoos, weduwe van Johan van Meteren; 22-4-1721 voor 210 gulden 2 1/2 hond bos en boomgaard op de Rooijcampen van Jielis de Geus en op 8-9-1731 voor 98 gulden een morgen weiland "Paulus mergen" van Daniel Junes en Isabella Hulsbergen.
      • Tussen 1683 en 1725 pachtte hij ook goederen van de kerk te Gameren.
      • Op 14 juli 1733 vermaakte hij testamentair zijn huis, met berg, schuur, hopest en hof groot acht hond aan zijn zoon Dirck.
      • De koopster machtigde haar vertegenwoordiger om de gezamelijke aankoop van deze panden onder de gestelde condities te accepteren voor een bedrag van 6500,-- gld. <26>
    Uit het 1e huwelijk van Lijntje Hendricksdr met Gerit Roelofsz:
    1. Anneken Gerits.
    2. Beliken Gerits.
    3. Roelof Gerits.
    Generatie VI
    INDEX van familienamen
  14. JAN ARIENSZ VAN HEES, geb. Gameren (verm.) ca. 1580 (Op 18-1-1600 vermeld als onmondig), nabuur te Gameren, kuiper?, ovl. Gameren (verm.) tussen 1643 en 1649
    Jan Ariensz van Hees tr. met
  15. MARY AERTS (VAN DE WERKEN?), ovl. na 1649
    • Jan Ariensz van Hees was momber van de kinderen van Arien Jansz de Swart (een zoon van zijn zwager Jan Jansz de Swart) en van de kinderen van Anthonis Sebastiaensz.
    • Op 1 april 1605 (vertijt) zag hij, met zijn zuster Ariaentken, af van de rechten op het hof die zijn moeder verkocht aan zijn zwager Jan Jansz de Swart.
    • Op 21 juli 1608 beloofde hij, samen met zijn moeder, aan Ghijsbert Antonissen een tijns van 8 gulden uit de hof tegenover het Huis te Gameren.
    • Op 19 november 1619 verklaarde Jan Comelisz, kousenmaker te Zaltbommel, op verzoek van Jan Ariensz Cuijper, nabuur te Gameren, dat hij (NOOT WIE: Jan Cornelisz of Jan Ariensz?) de Schiltmanshof in Gameren, met de erop staande hop, had gekocht van Jacob Quirijns, maar dat de hop niet zou worden geleverd alvorens deze zou betaald. (NOOT WAT: de doorverkoop van de hop of de aankoop van het hof?)
    • In 1628-1629 pachtte hij het gemael voor 98 gulden; zijn borgen waren Claes Jansz en Adam Ariensz.
    • In 1634 woont hij in het Blockhuijs op de Voetakkers, eigendom van Maximiliaen van der Riviere, heer van Kerkwijk, en zijn broers. Op 30 oktober 1638 is hij nog pachter van landerijen van Rutgher van der Riviere.
    • Jan van Hees verrichtte diverse koop- en verkoopaktiviteiten:
    • 12-3-1622 koop van een huis, hofstad, boomgaard en hopland, gelegen aan de Auweysche Steeg, van de kinderen van Gijsbert Vasterits voor 483 gulden; 28-7-1623 koop van acht hond in de Elscampen van Aert van de Graeff.
    • 23-3-1624 verkoop van een huis en hof aan zijn zwager Arien Aertsz.
    • Op 18 november 1625 kreeg hij van Lambert Aertsz overgedragen de penningen die de verkoop van beesten -die Lambert had gepand van Arien van Oever- zouden opbrengen. Een deel van de opbrengst was bestemd voor vereffening van een schuld aan Claes Crom.
    • Op 11 december 1627 kocht Jan van Hees, samen met Anthonis Sebastiaensz, huur- en beleningsbrieven van twee scharen uiterwaard op de Jofferenweerd, gedateerd 7 februari 1565, van de kinderen van Jan Dircksz Riemer. Op 13 mei 1628 kocht hij het aandeel van Anthonis in deze brieven en op 1 januari 1630 verkocht hij de brieven aan rentmeester Matthijs Aelbertsz (Schravenweert) te Zaltbommel.
    • Op 16 april 1633 (tochten) kennen Arien Jansz de Swart en Mary Anthonis, die voornemens zijn om te trouwen, hem (=Jan Ariens) het vruchtgebruik toe met al hun goederen. (NOOT: deze zin is mij niet geheel duidelijk)
    • Op 20 november 1633 kocht Jan van Hees een hophof van 1 1/2 hond land van Anthonis Ariensz de Bruyn; op dezelfde datum ontlastte Dirck Jansz (Riemer) hem van een lening van 125 gulden die Hendrick Loeff had op de nalatenschap van Arien Anthonisz de Bruyn. En een lening van 100 gulden werd op 11 maart 1636 afgelost bij Jan Antonissen.
    • Jan van Hees kocht nog meer:
    • 12-7-1636 koop van vijf hond land te Nieuwaal van Aert Willemsz van Beesd, soldaat te Geertruidenberg bij de compagnie van kapitein Fiomi en op 30-10-1638 koop van 4 1/2 hond land in Nieuwaal van de erfgenamen van Aert Robben, de schoonzoon van zijn grootvader. Samen met Aert Ariensz koop van dezelfde ergenamen een morgen land in de Varkenscampen beplant met elsen en weerdenrijs.
    • 14-3-1643 koop van een huis op een hond land van Jan Jansz de Swart. In 1649 is Mary Aerts wed. Jan van Hees eigenaar, terwijl Jan Jansz de Swart de naastgelegen drie hond hof bezit. Het huis wordt later eigendom van zijn zoon Dirck Jansz van Hees.
    • Op dezelfde datum van 14-3-1643 wordt Jan Ariens van Hees door Jan Jansz de Swart aangesteld als momber van Anneken, de minderjarige kleindochter en enige erfgenaam van Jan Jansz de Swart. Mocht zij overlijden dan worden Jan Ariensz van Hees en de kinderen van Gijsbert Jansz de Swart erfgenamen.
    • Op 28-12-1643 (tochten) kennen Jan Ariensz en zijn vrouw Mary Aerts aan Francois Rom het vruchtgebruik toe (NOOT: deze zin is mij niet duidelijk) en verkochten hem het huis, afkomstig van Jan Jansz de Swart, twee morgen op de Langstukken, een hophof genaamd Thonis de Bruyn's Werf en een halve morgen bos te Gameren.
    • Op 29-5-1649 kocht Mary Aerts, weduwe van Jan Ariensz van Hees, van Jan Jansz de Swart een halve morgen hopland, gelegen ten zuiden van een perceel dat zij al bezit had.
    Uit het huwelijk van Jan Ariensz van Hees en Mary Aerts (van de Werken?):
    1. Dirck Jansz van Hees, geb. Gameren (verm.) ca. 1610 [kwnr. 16].
    2. Arien Jansz van Hees.
    3. Neelken Jans van Hees, ovl. na 1683.
      Neelken Jans van Hees tr. 1x met Arien Aertsz (van de Wercken), hopmeter te Gameren, ovl. voor 1640.
      Neelken Jans van Hees tr. 2x met Jan Woutersz Ravenswaij.
    Generatie VII
    INDEX van familienamen
  16. ARIEN JANSZ (VAN HEES), geb. Gameren (verm.) ca. 1536 (in 1590 wordt hij vermeld als 54-jarige), ovl. Gameren (verm.) ca. 1591
    Arien Jansz (van Hees) tr. met
  17. NEELKEN JANSDR, ovl. na 1608
    • Arien Jans van Hees was op 25-6-1570 nabuur te Gameren met als borg Sebert Jacobsen.
    • Op 9-12-1577 verkocht Arien van Hees aan Henrick die Vael een tijnsbrief van 6 gulden uit de Salomonshof te Gameren. Op 23 September 1581 belooft hij Henrick die Vael een tijns van 9 gulden uit een hofstad gelegen tussen de erven van Egbert Lambertsz en Bastiaen van Weelderen, afkomstig van Aert Ghijsbertsen; de tijns van 9 december 1577 wordt ongedaan gemaakt. En op 2 april 1583 belooft hij de kinderen van Alaert Jansz zaliger, Heylken en Geryken, een tijns van 3 gulden uit diezelfde hophof tussen Egbert Lambertssen en Bastiaen Weelderens.
    • Op 7-3-1578 belooft hij Joost Ghijsbertsz, schout te Brakel, om een obligatie van 600 gulden ongedaan te maken, verband houdend met een schaar weide op de joffer Van Haeften's weert te Gameren die Jan Muyl placht te gebruiken.
    • Arien van Hees verrichtte diverse aan en verkoopakties:
    • 25-2-1578 verkoop aan zijn oom Lambert Dircksen een stuk land in Gameren, de Beyercamp, groot 10 1/2 hond; 31-12-1581 koop van Jan Willemssen een hofstad groot vier hond, oost Geryken, Jan de Roy's weduwe en west de erven van Comelis Francken (op de hof rust een tijns van 3 gulden aan Gielis de Groot en van 6 gulden aan Arien Jansz van Hees en de zijnen); 18-1-1582 koop bij ruiling van Jan Antonissen een akker hopland van 21/2 hond, belast met een tijns van 11/2 gulden en drie roeden dijk bij de Spiegelshof en op 13-1-1590 koop van Merten Ingenhuys een erfbrief van 10 1/2 hond wetland te Gameren.
    • Op 17-6-1591 belooft Neelken Jans, wed. Arien van Hees, 15 gulden tijns aan Jan Sandersz van Tuyl, waarmee alle "actien" tussen Neelken Jans en Jan van Tuyl en zijn broer en zuster teniet zijn gedaan. Arien Jansz deed in 1588 aanspraak op de goederen van de erven van Ott van Oever, de schoonvader van Jan Sandersz van Tuyl, maar hij werd in het ongelijk gesteld. Schulden die Arien Jansz had bij Jan Sandersz werden bij dit akkoord uit 1591 vereffend.
    • Op 14-11-1594 gelooft Neelken Jans, wed. Arien van Hees, 450 gulden aan Goert Willemsz Fockert, te betalen op Sint Maarten; betaalde zij niet dan zou zij hem de hof overgeven tegenover het Huis te Gameren. Op deze hof staat haar huis dat onderpand was bij een lening van 66 gulden die zij op 5 november van dat jaar krijgt van Hanrick Jan Hanricksen. Op 9 maart 1601 verkochten zij en haar zwager Reyer Janss van Hees als member van de kinderen het huis, de boomgaard en het hopland aan Goert Willemsz Fockert.
    • Op 25 maart 1595 verkocht zij, samen met haar dochter Maryken mede voor de andere kinderen, de rentebrief van de akker hopland groot 2 1/2 hond aan Claes Dircksz Timmerman.
    • Op 31 maart 1605 verkocht zij aan haar schoonzoon Jan Jansz de Swart de helft van haar hof tegenover het Huis te Gameren; zij behield zelf de andere helft. Haar zoon Jan (vertiet) ziet, mede namens zijn zuster Ariaentken, af van de rechten op dit hof. Op 2 juli 1608 belooft zij, samen met haar zoon Jan, aan Ghijsbert Antonissen een tijns van 8 gulden uit haar hof tegenover het Huis te Gameren.
    Uit het huwelijk van Arien Jansz (van Hees) en Neelken Jansdr:
    1. Jan Ariensz van Hees, geb. Gameren (verm.) ca. 1580 [kwnr. 32].
    2. Marijke van Hees, geb. ca. 1580, ovl. voor 1627.
      Marijke van Hees tr. met Jan Jansz de Swart, zv. Jan Jansz Swartgen en Lijn Aertsdr.
    3. Aert van Hees, geb. ca. 1580, ovl. na 1641.
      • Aert van Hees bezat op 14-12-1641 samen met zijn broer Jan Ariensz Cuyper een stuk land ten westen van een morgen bos op de Hermiscampen van de erven van Jacob Jan Eliasz.
    4. Arientje van Hees, geb. ca. 1585 (op 18-1-1600 onmondig), ovl. na 1605.
      • Op 1 april 1605 (vertijt) zagen Jan van Hees en zijn zuster Ariaentken, af van de rechten op het hof die hun moeder had verkocht aan hun zwager Jan Jansz de Swart.
    5. Anneke van Hees, geb. ca. 1585 (op 18-1-1600 onmondig).
  18. AERT ARIENSZ
    Aert Ariensz tr. met
  19. ANNEKE GEERLOF AERTSDR.
    Uit het huwelijk van Aert Ariensz en Anneke Geerlof Aertsdr:
    1. Mary Aerts (van de Werken?) [kwnr. 33].
    Generatie VIII
    INDEX van familienamen
  20. JAN ARIENS, geb. ca. 1525, ovl. na 1566
    Jan Ariens tr. met
  21. NN
    • Op 8-3-1566 beloofde Jan Ariens aan zijn broer Arien Ariens tijns van 3 gulden uit de erfenis en goederen (moedersdeel?) die Arien had geërfd van zijn vader en moeder.
    • Op 17 maart 1607 verkocht Willem Antonissen van Gameren aan Neesken Boshuys een transfix van 35 stuivers ten laste van Jan Ariens die door hem op 10 maart 1562 was beloofd aan joffer Aleyt van Haeften.
    Uit het huwelijk van Jan Ariens en NN:
    1. Arien Jansz (van Hees), geb. Gameren (verm.) ca. 1536 [kwnr. 64].
    2. Reyer Jansz (van Hees), geb. ca. 1540, nabuur te Gameren, ovl. 1625 (zijn 2e vrouw Dingena Willemsdr wordt in 1625 als weduwe vermeld).
      Reyer Jansz (van Hees) tr. 1x met Anna Thonisdr, eerder ev. Aris Ariensz.
      Reyer Jansz (van Hees) tr. 2x met Dingena Willemsdr, ovl. na 1625.
      • Op 27-3-1601 was Reyer Jans van Hees momber van de kinderen van zijn broer Arien Jansz van Hees. Op 8 februari 1603 was hij eigenaar van een perceel dijk tegen de Breemweerd op Nieuwaal, westelijk van Wouter Comelisz Francken.
      • Op 3-10-1608 kocht Reyer Jans in erftijns vijf hond in de Hoeff, tien hond op de Lange Tijningen en tien hond in de Corte Tijningen van Willem van Usselstein, heer van Gameren die het collatierecht heeft van de kerk te Gameren. Reyer belooft de kerkmeesters een tijns van 31/2 gulden uit het eerste, 71/2 gulden uit het tweede en 6 gulden uit het derde perceel. De hiervoor vermelde tien hond Corte Tijningen wordt in 1620 genoemd als zijnde in erfpacht geweest bij Reyer Janssen van Hees, en werd in 1620 voor 17-10-0 gepacht door Hubert Geritsen.
      • Op 8 mei 1609 verkocht Goert Rochusz Glummer een verwinbrief van 13 maart 1607 op Reyer Jansz aan Goossen van Oever.
      • Verder verrichtte Reyer Jans nog diverse koop- en verkoopakties:
      • 26-4-1610 samen met Dirck Rutghersz koop voor 100 gulden van twee morgen in de Middelcampen van Antonis Gijsbertsen van Bruchem, met het recht van de oude uitweg over Maryken Goert van Venlo's land.
      • 1-12-1618 verkoop van al zijn gerede en ongerede goederen "onder de eningh" van Zuilichem aan zijn zoon Comelis en zwager Aert Robben.
      • 11-2-1625 samen met Comelis Jansz Timmer koop van Claes Crom de koop- en verwinsbrieven die deze op 18-5-1610 had verkregen van Alardt Aertsz.
    3. Robbeken Jans (van Hees).
      Robbeken Jans (van Hees) tr. met Aert Robben, ovl. tussen 1618 en 1636.
    4. Herman Jansz (van Hees), kuiper? (als cuyper vermeld in 1577?).
    5. Aert Jansz van Hees, ovl. na 1587.
      • Aert Jansz van Hees was op 15 maart 1587 eigenaar van een perceel dijk op Nieuwaal naast Goert Bruystens hof.

    Generatie IX
    INDEX van familienamen
  22. ARIEN DE CUYPER, kuiper, ovl. na 1579
    Arien de Cuyper tr. met
  23. NN, ovl. voor 1566 (zie onder haar zoon Arien)
    • Arien die Cuyper te Gameren verkreeg op 17-3-1579 van Anthonis Fredericksen uitstel om een schuldbrief op Bamis 1579 te mogen betalen. Arien beloofde dat de schuldbrief niet zou verjaren.
    Uit het huwelijk van Arien de Cuyper en NN:
    1. Jan Ariens, geb. ca. 1525 [kwnr. 128].
    2. Ariens Ariens, ovl. voor 1600.
      Ariens Ariens tr. met Catharina Goertsdr, ovl. na 1564, eerder ev. Willem Jansz.
      • Op 6 juli 1564 verkocht Arien Ariens als man en momber van zijn vrouw Catharina Goerts aan Matthijs Jacobsz een vierde deel van de Groote Bandtweert te Gameren, waarvan Marten van Brueckom de wederhelft bezat. Matthijs Jacobsz belooft Arien Ariens 130 keizer carolusgulden te betalen. De genoemde waard was eerder door Alaert van Haeften verkocht aan Goert Aelbertssen Snoeck en Catharina Goerts.
      • Op 8 maart 1566 verkocht Arien Ariens aan zijn broer Jan Ariens al het goed (moedersdeel?) dat hij had geërfd van zijn vader en moeder, en belast was met een tijns die Aelbert van Hoenseler daaruit had.
      • Op 27 maart 1579 kocht hij van Dirck Pauwelsen's weduwe Anna twee hofjes in Gameren, westelijk van de Molendel. Arien Ariens beloofde haar 25 gulden te betalen op Sint Maarten.

    TOP


    NOTEN:
    Terug door aanklikken op nootnummer

    Afkortingen:
    GAR = Gemeente Archief Rotterdam
    ONA = Oud NotariŽel Archief

    1. GAR, ONA-inv.nr 3535, bld. 520.
    2. GAR, ONA-inv.nr 3606, bldn. 424 t/m 437 en bld. 437 ev.
    3. GAR.ONA-inv.nr. 3619, bldn. 224 t/m 287.
    4. GAR, ONA-inv.nr. 3163, bld. 105.
    5. GAR, ONA-inv.nr. 3600, bld. 93.
    6. GAR, ONA-inv.nr. 3610, bld. 404.
    7. GAR, inv. nr. 3611, bldn. 455 t/m 483.
    8. GAR, ONA-inv.nr. 3618, bld. 709.
    9. GAR, inv.nr. 3619, bld. 173.
    10. GAR, ONA-inv.nr. 3619, bld.290.
    11. GAR, ONA-inv.nr. 3676, bld. 81.
    12. GAR, ONA-inv.nr. 3444, bld. 824.
    13. GAR, ONA-inv.nr. 3227, bld. 855.
    14. GAR, ONA-inv.nr. 3826, bld. 696.
    15. GAR, ONA-inv.nr. 3619, bld. 302.
    16. GAR, ONA-inv.nr. 3420, bld. 1519.
    17. GAR, ONA-inv.nr. 3572, bld. 493.
    18. GAR, ONA-inv.nr 3472, bld. 601.
    19. GAR, ONA-inv.nr. 3679, bld. 1271.
    20. GAR, ONA-inv.nr. 3169, bld. 35.
    21. H.T.M. de Raad: "van (den) Oever (Gameren)". Eerder gepubliceerd in Kronieken (1996) een uitgave van de Genealogische Vereniging Prometheus.
    22. GAR, ONA-inv.nr. 2263, bld. 970 ev.
    23. GAR, ONA-inv.nr. 2001, bld. 686.
    24. GAR, ONA-inv.nr. 2267, bld. 152 ev..
    25. GAR, ONA-inv.nr. 3094, bldn. 178 t/m 221.
    26. GAR, ONA-inv.nr. 3444, bld. 824.

TOP


FAMILIENAMEN van de voorouders in de kwartierstaat Jacoba van Hees
Koppeling naar de eerst voorkomende kwartierouder, mogelijk meerdere takken.


AERTSDR
BAIJENS
BASTIAANS
HEES
HENDRICKSDR
JANSDR
VOGELSANK
WERKEN?

TOP


©Vic. Poolen
mail@vicpoolen.nl

.

.

.

.

.

.

.

.

.